← Alle onderzoeken

Factoren van invloed op engagement – deel 2: survey

In dit vragenlijstonderzoek onder 49 gebruikers is gekwantificeerd welke factoren samenhangen met engagement: de mate waarin iemand zich betrokken voelt bij een online programma. Een goede aansluiting van het programma, de gebruiksvriendelijkheid en duidelijkheid over het doel en de rol van de behandelaar blijken van belang. Dit onderzoek is het vervolg op het interviewonderzoek uit deel 1.

Onderzoekers
IJ-lab, Therapieland
Populatie
n = 49 gebruikers
Periode
Instrument
Status
Afgerond
7,3
gemiddeld engagementcijfer van gebruikers
r = .82
verband tussen engagement en geholpen zijn
86%
vindt het niveau van het programma goed
49
gebruikers vulden de vragenlijst in

Achtergrond

Uit eerder onderzoek bleek dat gebruikers die meer engaged zijn met de programma’s van Therapieland een grotere afname van klachten laten zien en zich vaker geholpen voelen. In deel 1 van dit onderzoek is via interviews verkend waarom gebruikers zich al dan niet betrokken voelen. Doel van dit vervolgonderzoek is te kwantificeren in hoeverre die bevindingen worden gedeeld door een grotere groep gebruikers, zodat engagement gericht kan worden verbeterd.

Methode

De onderzoekspopulatie

49 gebruikers vulden de vragenlijst in. Zij hebben één of meer programma’s van Therapieland gevolgd. De gemiddelde leeftijd is 50 jaar (SD = 14), 63% is vrouw en de helft heeft een opleiding in het hoger onderwijs (hbo of universiteit) afgerond.

De vragenlijst

Op basis van de bevindingen uit het interviewonderzoek is een vragenlijst ontwikkeld en uitgezet via SurveyMonkey. Benaderd zijn cliënten die belangstelling hadden voor het interviewonderzoek maar niet in de selectie vielen, plus gebruikers uit de gebruikerspool ‘meedenken Therapieland’. De vragenlijst bestaat grotendeels uit stellingen op een vijfpuntsschaal (helemaal mee oneens tot helemaal mee eens).

Resultaten

Engagement en geholpen zijn

Respondenten beoordelen hun eigen engagement gemiddeld met een 7,3; de mate waarin zij zich geholpen voelen met een 6,8. Tussen beide bestaat een sterk positief verband (r = .82, p < .001). Het grootste deel voelt zich geholpen door nieuwe inzichten; ongeveer een derde ervaart een afname van klachten en een positievere kijk na het doorlopen van het programma.

Aansluiting van het programma

86% vindt het niveau van het programma goed, 14% vindt het niveau te laag. 80% vindt het programma inzichtgevend en herkent zich erin, en 63% kan de geleerde vaardigheden toepassen in het dagelijks leven. De aansluiting van het programma hangt significant samen met engagement (r = .67, p < .001).

Gebruiksvriendelijkheid

75% vindt inloggen laagdrempelig, 78% heeft een goed overzicht van de onderwerpen die aan bod komen en 73% vindt navigeren binnen de programma’s makkelijk. 42% zou zelf willen bepalen hoe vaak opdrachten worden ingevuld. Gebruiksvriendelijkheid hangt significant samen met engagement (r = .31, p = .03).

De videotherapeut

67% heeft een passende videotherapeut gevonden (23% neutraal, 10% oneens). De voorkeur gaat uit naar een videotherapeut met een informele, vlotte spraak die in het dagelijks leven ook werkzaam is als behandelaar of expert op het onderwerp.

Kenmerken van de gebruiker

De helft had al veel voorkennis over de thema’s die bij hen speelden. Deze groep is significant minder engaged dan gebruikers met weinig voorkennis (p = .01). Het al dan niet hebben gevolgd van hoger onderwijs hangt niet significant samen met engagement. Volgens respondenten zijn vooral stemming, motivatie en de ernst van de situatie van invloed.

De rol van de behandelaar

Voor 85% was duidelijk met welke redenen zij het programma volgden en wie inzage had in hun voortgang en opdrachten. 27% wilde het programma zoveel mogelijk zelfstandig doorlopen, 10% wilde veel met de behandelaar kunnen bespreken en de rest had daar vooraf geen beeld bij; wie het zelfstandig wilde doorlopen is significant meer engaged dan wie er geen verwachting over had (p = .04).

59% had vooraf duidelijkheid over de rol van hun behandelaar, wat significant samenhangt met engagement (r = .53, p < .001). 35% had behoefte aan meer begeleiding; dat hangt niet significant samen met engagement (r = -.17, p = .30). 62% ervaart dat hun behandelaar voldoende kennis heeft over het programma (30% neutraal, 8% oneens), wat wel significant samenhangt met engagement (r = .48, p = .003).

Conclusie

De bevindingen uit de interviews worden in dit enquêteonderzoek grotendeels bevestigd. Aansluiting van het programma, gebruiksvriendelijkheid, een passende videotherapeut en duidelijkheid over het doel van e-health en de rol van de behandelaar hangen samen met engagement.

Op basis hiervan zijn concrete vervolgstappen gezet: meer diepgang voor gebruikers met veel voorkennis, inhoudsopgaven waarmee gebruikers direct naar relevante onderdelen kunnen navigeren, opdrachten die herhaald kunnen worden, een toegankelijker platform op de smartphone en binnen elk programma de optie voor een videotherapeut met een informele, vlotte spraak. Daarnaast adviseren we behandelaar en cliënt om het doel van e-health en de rol van de behandelaar vooraf met elkaar af te stemmen.

Let op: met 49 respondenten uit een zelfgeselecteerde gebruikerspool zijn de uitkomsten indicatief en niet zonder meer te generaliseren naar alle gebruikers.

Hoe te citeren
IJ-lab, Therapieland
 (
2022
). 
Factoren van invloed op engagement – deel 2: survey
. Amsterdam: Therapieland B.V.