← Alle onderzoeken

Effectiviteit van het programma 'Paniek'

Dit onderzoek beschrijft de effectiviteit van het programma Paniek bij volwassenen die hun paniekklachten willen overwinnen. Bij 951 gebruikers met een voor- en nameting op de Paniek Opinie Lijst namen de anticipatieklachten met 20% af en de consequentieklachten met 31%. 85% van de gebruikers voelde zich geholpen door het programma.

Onderzoekers
IJ-lab, Therapieland
Populatie
n = 951 gebruikers
Periode
Januari 2019 – februari 2023
Instrument
Paniek Opinie Lijst
Status
Afgerond
31%
afname van consequentieklachten (POL)
85%
van de gebruikers voelt zich geholpen
7,5
gemiddeld tevredenheidscijfer
951
deelnemers met voor- én nameting

Achtergrond

Het programma Paniek is ontwikkeld voor volwassenen die hun paniekklachten willen overwinnen. Het richt zich op het verminderen van paniekklachten. Onderwerpen die aan bod komen zijn de vicieuze cirkel van paniek en de drie fasen van paniek: lichamelijke klachten, gedachten en gedrag.

In de periode januari 2019 tot en met februari 2023 zijn 22.642 mensen met dit programma begonnen. Voor 98% was het programma onderdeel van een blended behandeltraject; 2% gebruikte het als zelfhulp.

Methode

De onderzoekspopulatie

In totaal hebben 951 gebruikers zowel de voormeting (T0) als de nameting (T1) van de Paniek Opinie Lijst ingevuld, met ten minste drie weken tussen de metingen. Van deze groep is 67% vrouw en 33% man en de gemiddelde leeftijd is 37 jaar (SD = 13). 99% van de gebruikers volgde het programma via Therapieland, de rest via Gezondeboel.

De steekproef is gemiddeld 1,6 jaar ouder dan de totale groep gebruikers; de man-vrouwverdeling is gelijk. De steekproef scoort op de voormeting wel significant hoger op de anticipatieschaal (meer anticipatieve klachten) en op de copingschaal (betere coping) dan de totale groep.

De Paniek Opinie Lijst

Paniekklachten zijn aan het begin (T0) en aan het einde (T1) van het programma gemeten met de Paniek Opinie Lijst (POL). De POL bestaat uit 45 items, verdeeld over drie subschalen van elk 15 items: anticipatie (de angst om een paniekaanval te krijgen), consequenties (de hoeveelheid negatieve gedachten tijdens een paniekaanval) en coping (het vertrouwen om met paniek om te kunnen gaan). De afkapwaarden van de POL zijn gebruikt om scores te categoriseren als lage, gemiddelde of hoge klachten.

Aanvullende metingen

Halverwege het programma is de engagement gemeten met de TWEETS-vragenlijst (Twente Engagement with Ehealth Technologies Scale). Daarnaast stellen gebruikers aan het begin van het programma een doel op en geven zij bij start en afsluiting in procenten aan in hoeverre dat doel is behaald. Bij afsluiting wordt gevraagd of en op welke manieren zij zich geholpen voelen (prestatie-indicatoren).

Resultaten

Afname van paniekklachten

Op de subschalen anticipatie en consequenties is een significante afname van paniekklachten te zien na het doorlopen van het programma. Anticipatieklachten namen met 20% af, consequentieklachten met 31%.

  • Anticipatie: Repeated Measures ANOVA, F = 193 (df = 1,946), η² = .17, p < .001
  • Consequenties: Repeated Measures ANOVA, F = 357 (df = 1,946), η² = .27, p < .001

Voor beide subschalen geldt dat de categorie lage klachten op de nameting sterk toeneemt en dat de categorieën gemiddelde en hoge klachten afnemen.

Coping

Op de copingschaal is over de hele groep geen significante toename gemeten. Vervolganalyses laten een genuanceerder beeld zien: de groep met lage coping op de voormeting verbetert significant (F = 94 (df = 1,532), η² = .15, p < .001), terwijl bij matige coping (F = 12 (df = 1,211), η² = .05, p < .001) en hoge coping (F = 194 (df = 1,196), η² = .50, p < .001) juist een significante verslechtering te zien is. Een mogelijke verklaring is dat het programma meer bewustwording creëert over (het gebrek aan) coping, waardoor scores op de nameting lager uitvallen.

Factoren die samenhangen met klachtafname

  • Er is geen significant verschil tussen mannen en vrouwen in de mate van klachtafname.
  • Klachten nemen sterker af bij jongere gebruikers (r = -.141, p < .001).
  • De ernst van de klachten op de voormeting correleert op alle schalen significant met de mate van afname (anticipatie r = .39; consequenties r = .46; coping r = .54; p < .001, N = 947). Het programma is dus effectiever wanneer de paniekklachten hoger en de coping lager zijn.
  • Engagement hangt samen met klachtafname op de schalen anticipatie (r = .22, p < .001) en consequenties (r = .21, p < .001).

Tijd tussen de metingen

De grootste afname van klachten treedt op wanneer er 6 tot 9 weken tussen de voor- en nameting zit. De meeste gebruikers doorlopen het programma echter in kortere tijd. Voor een optimaal effect adviseren we een tijdspanne van 6 tot 9 weken.

Doelen, geholpen zijn en tevredenheid

Het percentage waarin gebruikers hun doel behaald achten is op de nameting bijna vier keer zo hoog als op de voormeting. Gebruikers met een grotere afname van anticipatie- en consequentieklachten behalen hun doel in significant grotere mate (r = .27 en r = .32, p < .001, N = 523).

Gebruikers met een grotere klachtafname zijn het significant meer eens met de stelling ‘Door dit programma zijn mijn klachten afgenomen’ (anticipatie: F = 6,6 (df = 1,139), p = .011; consequenties: F = 4,2 (df = 1,139), p = .041) en voelen zich gemiddeld meer geholpen (anticipatie r = .26, p = .002, N = 143; consequenties r = .33, p < .001). 85% van de gebruikers voelt zich geholpen door het programma; de gemiddelde tevredenheid is 7,5.

Bij het programma Paniek voelen relatief meer mensen zich geholpen op alle bevraagde manieren dan bij de programma’s van het platform als geheel.

Conclusie

Het programma Paniek laat een significante afname zien van anticipatieklachten (20%) en consequentieklachten (31%). De effecten zijn het grootst bij gebruikers met hogere klachten bij de start en bij een doorlooptijd van 6 tot 9 weken.

Dat gebruikers met een grotere klachtafname ook vaker aangeven dat hun klachten door het programma zijn afgenomen, suggereert dat de afname ten minste gedeeltelijk is toe te schrijven aan het doorlopen van het programma.

Op de copingschaal is over de hele groep geen verbetering gemeten. Gebruikers die met lage coping starten verbeteren wel duidelijk, terwijl de score bij een hoge coping bij de start daalt. Dit vraagt vervolgonderzoek.

Hoe te citeren
IJ-lab, Therapieland
 (
2023
). 
Effectiviteit van het programma 'Paniek'
. Amsterdam: Therapieland B.V.